Inkopers hadden het in juni druk en krijgen het steeds drukker

02 Juli 2018

Redactioneel commentaar prof dr. Arjan van Weele, NEVI hoogleraar Inkoopmanagement TU Eindhoven

Inkopers hadden het in juni druk en krijgen het steeds drukker. Oorzaken: leveranciers zitten vol met werk, vertragen de levering van componenten en halffabrikaten. Gevolg is dat bedrijven hun eigen planning niet halen, en moeten aanpassen. Hetgeen resulteert in extra kosten en meerwerk. Daarnaast zien inkopers de prijzen van veel grondstoffen fors stijgen. En deze ontwikkelingen zullen nog wel even aanhouden. Dit alles blijkt uit de rapportage van de NEVI Purchasing Managers' Index (PMI) van juni. Deze noteerde een score van 60.1 (mei: 60.3). De groei loopt weliswaar iets terug maar ligt nog steeds op een hoog niveau (een PMI waarde >50 geeft aan dat de bedrijvigheid in de industrie is toegenomen, een waarde <50 het tegenovergestelde). De vraag naar industriële producten (vooral investeringsgoederen) uit binnen- en buitenland blijft onverminderd sterk. Hetgeen zich al maanden lang en ook nu in juni weer vertaalt in een sterke vraag naar technisch personeel (werkgelegenheidsindex scoorde 57.8). Maar ook in sterk oplopende hoeveelheden achterstallig werk en langere levertijden van leveranciers. Het wordt dus een hete zomer want er zullen nog maanden nodig zijn om de opgelopen achterstanden in te lopen. Dat wordt mogelijk als de groei gaat afvlakken en de kans daarop is groot gezien de acties van Trump en zijn regering. Deze schaden het internationale ondernemersvertrouwen en brengen zorgvuldig opgebouwde handelsrelaties in gevaar met alle onzekerheid van dien. Op de korte termijn lijkt er nog weinig aan de hand. Maar op middellange termijn lijkt een verdere afvlakking van de groei van de industrie voor de hand te liggen. Daarom breng ik mijn rapportcijfer wat terug: van 8.5 naar 8.3.

Naar NEVI PMI-berichtgeving